Casus Verbindend Onderhandelen: Oliebestrijding Eems

Casus Verbindend Onderhandelen: Oliebestrijding Eems

De nieuwe Eemshaven bij Delfzijl trekt veel bedrijvigheid aan. Dat is goed voor de economie, maar milieuorganisaties maken zich ook zorgen. Een scheepvaartincident in de vaarroutes van de Waddenzee naar de Eemsmonding kan rampzalige gevolgen hebben: olieverontreiniging is in het kwetsbare waddengebied nauwelijks te bestrijden en kan veel schade aan de natuur aanrichten.

Als het bedrijf Vopak plannen maakt voor strategische olieopslag in de Eemshaven, zoekt het contact met de Waddenvereniging en Groningse Milieufederatie. Ook voor Vopak is een olieramp een schrikbeeld, onder meer vanwege de imagoschade. De partijen zien in dat ze een gemeenschappelijk belang hebben: een ramp voorkomen.

In de zomer van 2010 krijgt p2 de opdracht voor de procesbegeleiding. Het onderwerp is op dat moment uiterst actueel. In de Golf van Mexico heeft net een olieramp plaatsgevonden met wereldwijde belangstelling. In Noord-Nederland staat de Eemshaven in de schijnwerpers vanwege de komst van grote energiecentrales.

De procesbegeleider, Anneke van der Zwaart, stelt voor de aanpak van MGA toe te passen. Zij begint met een ronde interviews met alle betrokken partijen, om de belangrijke vraagstukken boven tafel te krijgen en te verkennen welke stakeholders en deskundigen mee moeten doen met het proces. Daarna besluiten de opdrachtgevers en de procesbegeleider twee werkateliers te organiseren om tot gezamenlijke visies te komen. Ook de processtappen worden in deze setting besproken. Daarmee ontstaat al een belangrijke basis voor draagvlak voor de MGA-aanpak.

Het blijkt dat er nog veel bestuurlijke discussie is en het lastig is consensus te bereiken. De terminal van Vopak is inmiddels in gebruik genomen.

Deze casus is beschreven in het boek van Frans Evers 'het kan wel'.